maandag 18 januari 2010

Wat ik achter mijn rug om doe

Opeens gaf je het me:
Besef.
Besef beeft.
Leeft in mijn maag
in mijn hart en in mijn tranen.
Het omkeren kan niet.
feseB. Omkeren kan het wel.
Zie mijn maag. Mijn ideeën.
Besef stampt Gelijk de grond in.
Baf. Baf.

Sorry voor mijn onbesef.

Was het maar zo..

Waren wij een dansje
Waar alles soepel voorbij gleed

Vloeiend in elkaars armen
Eén hartslag slechts als ritme

Dat wij konden melodiëren
Op een manier die alleen wij weten
En componeerden wij gaanderweg
Onze gracieuze ode aan elkaar

Dansen wij op roze wolken
Waar leugens overbodig zijn
Waar onze ogen elkaar kunnen ontmoeten
Zonder pijn daarin te zien,
en niet als schepen in de nacht

O, waren wij een dansje
Een eenheid, een kleine symphonie

Ik zou mijn mooiste schoenen dragen
En gelukkig zijn

vrijdag 8 januari 2010

Dans met mij

En dan
Dansen wij.
Rust jouw hand.
Op mijn rug.
Zacht.

Valt het op.
Dat mijn hand.
Stiekem trilt.
naast jouw hals?

En dan
Smelten wij.
In elkaar.
Kus je mij.
Nog een keer.

Hou mij vast.
Dans met mij.
Laat nooit los.
Eén.

dinsdag 5 januari 2010

Een compromis is niet genoeg

In een schreeuw om wederkerigheid
Klampt mijn hart zich om jouw benen
likt mijn liefde zacht je wang
Terwijl de drempel van jouw voordeur
onbedaarlijk aan haar zuigt

Huilend om verlichting
Hoopt mijn maag op ware leugens
Door een breuk in zielsbedrog
Terwijl mijn hart je benen loslaat
omdat het weet dat het niet komt

Alle armen van mijn wanhoop
Graaien naar houvast in laffe ontkenning
Maar grijpen onophoudelijk mis
En de drempel zuigt en mijn hart verkrampt
In een tweestrijd tussen liefde
Omdat je been daar maar blijft staan.