vrijdag 1 oktober 2010

Sleutel

Er zit een sleutel in mijn zak.
Een ronde sleutel.
Zware sleutel.

Soms raak ik hem aan,
per ongeluk,

en vertelt hij mij hoe donker
en hoe eenzaam het daar is.

Er zit een sleutel in mijn zak.
Een lange sleutel.
Koude sleutel.

Er in gestopt.
En hij mag er niet uit.
Omdat zijn baasje wil dat ik de deur
nog even langer open hou.

Er zit een sleutel in mijn zak
die, alleen als ik niet kijk,
op 't slot past van mijn Paradijs.

donderdag 30 september 2010

Een sprankje is genoeg

Bij elke bleke zonnestraal
die mij haast transparant bestrijkt
laat ik mijn hart opnieuw de warmte vinden
en voorzichtig beproeven mijn tenen
hun geluk

in de zee van de zorgeloze liefde
Rillend dompel ik mij onder
haal de warmte uit die ene zonnestraal
die goud vanachter de donderwolken lonkt
Ik strek mijn armen naar haar uit
en richt mijn blik naar boven
Lome stappen door het koude water
dat zwaar om mijn benen slaat
Niets tussen mij en de warmte.

Tot plots de zon verdwenen is
en ik in het donker geen acht sla
op de zanderige zee
de stappen die steeds zwaarder worden
Mijn ogen speuren slechts de leegte af
naar een sprankje zon om mij te strelen
Gestaag slokt het zand mij op
Geen zee, maar een woestijn
bedrukt mijn rillend eenzaam hart

Ik ben al haast verdronken
en ik besef dat de zon mij achterliet
Met al mijn kracht verlos ik mij
en net als mijn dappere tenen
zich willen bevrijden
kust een troebel zonnetje mijn koude nek
en wil het hart weer zwemmen.

dinsdag 7 september 2010

Zzz..

Duizelig dichtten we duizenden dagen
tot één doelloze droom van desperate drift
De dagen verdwenen door dekens te dragen
met het donkerste dons doordrongen van licht
doordat duistere doeken doordrenkt zijn van vlagen

van dansende sterren, dramatisch discreet
Daar dachten we dapper dat die droom zou duren
draaiden dialogen alsof de duivel dat deed
Tot dageraad desillusie door dauw liet turen
en duidelijkheid onze droom doden deed

maandag 23 augustus 2010

Onkruid vergaat niet

Een onkruid is een ongewenste, wilde of ongecultiveerde plant. Er is geen biologische definitie van een onkruid. Wat wel of geen onkruid is, hangt af van de definitie die mensen hieraan geven. Het is mogelijk dat een plant in de ene omgeving als onkruid gezien wordt, bijvoorbeeld doordat die overdadig groeit en zo een verlangd aangeplant gewas overheerst, terwijl deze in de andere omgeving als nuttig wordt beschouwd. Lijsten van onkruiden hebben dan ook alleen maar zin in de context van een bepaald grondgebruik.

Laat het los
Laat mij los
Je overwoekert me
En je wortels geven niet mee
Je vangt me in je hardnekkigheid
Eigenwijs weiger je te verdwijnen
En verzwelg je al mijn kleurige bladen
Bevrijd ik me eindelijk
Grijp je me
En met slechts het kleinste zaadje
Begint alles weer opnieuw
Dus blaas ik mijn sporen ver vooruit
Hoop dat ze aarden op veilige grond
Laat mijn oude bloemen achter
Gulzig zal je ze verslinden
Laat me los
Neem dit offer van mijn glorie
Vertrap het, verbrand het, verslind het
maar geef mijn nieuwe knop een kans
op te bloeien waar
de gekneusde plekken in haar hartje
door slechts vrijheid worden verbloemd

zaterdag 7 augustus 2010

De druppel

zakte bitter langs mijn keel
en viel in mijn maag
die draaide zich om
nam in een golf mijn hart mee
naar mijn enkels
waar het mijn voeten op
de grond duwde
Hoop zakte in mijn schoenen
moed schoot omhoog
Met tenen vol maag en hart
maakte ik een reuzensprong
liet hoop liggen
in een ver verleden
Huppelend moed ik verder
Ik geloof dat de zon schijnt

maandag 2 augustus 2010

Het is over

Ach die ranzige parfum
Over je volwassen lege kop
Haat aan die parfum!
Haat aan die volwassen kop!

Ik wou dat ik het
van mijn lijf kon scheuren
En in de hoek kon trappen
als een zwerm van
zwarte vogels
stuk voor stuk hun kop kapot
Haat aan die parfum

die rond mijn lijf en lenden kleeft
Haat aan het enige wat jou
nog met mijn hart verbonden heeft

maandag 26 juli 2010

Laatste afscheidskus

Lig in bed
Mijn verpulverde hart
wacht tot het neer kan dalen
in het stof
op de grond
waar je kleren net nog lagen
Want weer mocht het niet baten
't Is als of
het over is.

dinsdag 20 juli 2010

Poging 9484

Weken gaan voorbij
in jarenlange momenten
van luttele seconden

Jij bent niet bij mij.

vrijdag 16 juli 2010

Waar ben ik?

Zijn dit mijn handen?
Die knokig in het helle licht
de woorden dorsen vangen?
Zijn dit de handen
die liefde hebben aangericht
na overweldigend verlangen?
Dit zijn de handen
die rasters over ogen luiken:
schaduw van het beloofde land.

zondag 20 juni 2010

Achtervolging

Hoor, de zon klinkt fel vandaag
En de telefoon rinkelt
En als hij niet rinkelt
Zorgen we dat hij rinkelt
Lijstjes, lijstjes
Verzink de waarheid
tussen de regels
Zolang de rinkelende inkt
En het luide linke licht
Je voor haar uitduwen

donderdag 17 juni 2010

Niet boos.

Mijn schoenen staan opeens heel stevig
Nu ik de jouwe heb gepast
Conflicten eindelijk overbodig
En woorden lopen niet meer vast
Ik laat het deurtje van mijn hartje open
Dan kun je gaan, als je dat wil
Ik zal naar je wuiven met een glimlach
vanonder mijn grote
roze bril.

:)

Boos.

Er zweeft een kalmte om mij heen
die stilstaat en kriskrast tegelijk
en me ietwat misselijk maakt

Of misschien is dat de brie.

Schreeuwende stemmen ballen hun vuisten
Huilen woedende verwensingen
Schieten dwars door elkaar heen

Maar niet van buiten
Waar de wazige kalmte de herrie dempt
Om de loze energie te sparen

Ach wat.

Wat maakt het ook uit.

Er is een stukje van mij weg
dat liefde en vertrouwen maakte
Onrust overheerst er nu

Maar niet van buiten
Waar de liefde uitzinnige kalmte schept
En zich onberoerd laat

Maar breek het niet.
Breek het niet, want hel breekt los
Geen kalmte die dat dempt en geen plek om je te bergen.

Maar ik ben niet boos van buiten.

zaterdag 5 juni 2010

Kapot

In de nacht klinkt de muziek.
Behendig manouvreer je tussen drank en mannenlijven
Een hap, een slok, een lach;
het hulsel dat om je heen gepantserd zit
Nog over je strakke zwarte jurkje

Pas later,
wanneer je favoriete ondergoed
over de enkels boven je stukgedanste hakken zakt,
komt de leegte.
Als geïmplodeerde pijn.

Zwaar, alles is zwaar.
Je zou wel willen huilen
maar tranen doen je verdriet tekort

Trage benen slepen naar bed
Je hart erachteraan
Blijft aan het voeteneind liggen,
snakkend naar adem
Om alles wat het mist
Je ogen branden maar je gunt het ze niet:
tranen zijn voor mensen met hoop

woensdag 2 juni 2010

Had ik maar een wollen muts

Had ik maar een wollen muts
Dan trok ik hem over mijn kin
Dan wenste ik een gat in de grond
En zakte daar langzaamaan in

Waadde ik door het asfalt weg
Muisstil verscholen voorbij
Een wereld tussen draadjes wol
Een wereld zonder mij

zaterdag 29 mei 2010

Hoop op niets

Ze zat op haar knieën en was misselijk
angst woekert in haar maag en verzwelgt de vlinders

Te vaak gekwetst
Te vaak vergeven
Te bang om te negeren wat haar gegeven is

Op deze knieën heeft ze vaker gezeten
Om deze affectie al vaker gesmeekt

Hou me vast
Bescherm me
Ik ben zo bang

Ze zat op haar knieën en huilde
Leegte omringt haar en omvat haar volledig
Wie het opvult brengt hoop

Ze wou dat het op was
De hoop, de tranen, de pijn
En daarmee misschien de liefde

Ze zat op haar knieën en schudde haar hoofd
Hoop was alles wat ze had

dinsdag 25 mei 2010

Alleen in het gras / Ik mis je / Hoe de zomerzon knopen terug aan elkaar doet smelten

Je warme huid tintelt te hevig
om niet gedeeld te worden
Deze zoete geur
heet en rein,
bundelt alle woorden met ogen dicht
Hier in het gras
Is de lentelucht te vol van wederzijdse begeerte

Verloren zwoele zomer glijdt je gedachten voorbij
De zon laat geen plaats voor uitstel
Huid over huid
strekt zich uit
Vingertoppen vlinders
vleien warme laagjes brons onder de zonnestralen

Je warme huid
tintelt te hevig
om niet gedeeld te worden

zaterdag 15 mei 2010

De knoop doorhakken, deel 9483 (c)

Spring er in

Neem een grote teug trotse adem
Hou hem vast en laat hem los
Zodra je op de bodem bent
Omringd door zeeën van
jezelf

maandag 10 mei 2010

Cirkels rennen

Rennen voor vrijheid met tralies op je rug
omdat ze je enige houvast zijn
wanneer je struikelt
over de ketting om je enkels
Halsoverkop in de val

Ren, ren, ren in cirkels
Beschut jezelf en voel je vrij
Open je ogen en loop maar door
Gooi de tralies van je rug
En schik ze
Stap erover, stap er in

Schik ze opnieuw
Als een rozig spijkerbed
Ren nog even rond de wereld
Negeer het lonkend traliebed

Ongetwijfeld
Veel te snel
Vertraag je
Glimlach je
Vlei je je gewillig neer
Tussen de vertrouwde tralies
Die nooit van je afgegleden zijn

Ren maar.

dinsdag 27 april 2010

Vrijheid

Tegenwoordig slaap ik dwars
Niet schuin, niet andersom, maar dwars.
Dwars, omdat ik recht niet meer in mijn gedachtes pas
Die liggen daarboven te kronkelen op het kussen
Ik pas er niet meer tussen.
Dus slaap ik dwars.
Met mijn tenen in de lucht
Welterusten
.

zaterdag 17 april 2010

Bis

Wij waren deplorabele hoofdrolspelers
Geen publiek, geen script, geen zaal
Een kaal toneel
Armetierige figuurtjes
Nietig voor een niemandsoog

Ons spel, ons eindeloos liefdevol spel
Maakte ons spelers
Van elkaars toegewezen hoofdrol
Een stuk dat niets nodig had

Het is een kunst
Weer in de coulissen te beginnen

Nooit heeft afwezigheid van applaus
Zo stil geklonken

donderdag 15 april 2010

De knoop doorvijlen, deel 9483 (a)

Wees een held, liefje
Het valt allemaal zo mee.
Hou vol, mijn meisje.
Wees sterk.

maandag 5 april 2010

Sprookjes

Rapunzel, Rapunzel
Welk nut hebben nog
Jouw lange gouden haren
Als jouw zinderende liefde
Vanuit de toren naast je
Dromend op hetzelfde wacht?

zondag 4 april 2010

Rapunzel

Hoger kunnen de woorden niet meer
De lucht wordt ijl maar we blijven bouwen
We stutten twee wankele torens met hoop
Vergullen een brokstuk en werpen het op
Miserabel kopstuk van bekende zinnen
De richting zijn we allang verloren

Schamele spitsen verdwijnen uit zicht
Wanhopige woorden blijven vliegen
Om de hoogste te zijn, de laatste
Eén zo imponerend puur
Dat het grondvesten doet schudden
En de ander te gronde richt

Zodat die op zijn knieën zakt
In de ruïne van zijn stenen gelijk
Waar de winnaar dan kan troosten
Als verwoesting een versmelting maakt
En de wrakstukken gepoetst gaan
In ons eigen luchtkasteel

maandag 29 maart 2010

Schat, er staat iemand voor de deur..

Zachtjes streel je mij
Verval ik mij
in die trillende vloeibare zwevende vorm
van onuitgesproken overgave
die jij met je vingers over mij legt

Je stapt binnen
Strijkt met één beweging de liefde dicht
Zo dicht.. Zo dicht.
Wij zijn binnen mij

De schreeuwende waarheid
De bonkende waarheid
De knagende waarheid
De verscheurende waarheid
Vertroebelt buiten

Lang.. lang.. zo lang mogelijk.
Tot de pijn ondraaglijk wordt
En we open doen.

dinsdag 16 maart 2010

Struisvogels

Ongelooflijk

Hoe Lelietjes-van-Dalen

Hun kopjes net zo hard
terug onder de sneeuw kunnen stoppen
Als zijn ze verleid
door haar donzeveren uiterlijk
Terwijl de loodzware deken
Rustig koud hun kopjes knakt

zondag 7 maart 2010

Liefdesherinnering

Iemand paste met mij
Al was het alleen maar
zijn blik
vastgelegd aan de mijne
soepel
als gesponnen zijde
ongedwongen.

Helder en onbreekbaar zacht
legden onze ogen
onze liefde
over
elkaar
Als verstrengelden zij fluwelen koorden
Onzichtbaar voor de rest

Iemand paste met mij

door tranen vertroebeld
Trekken wij
de laatste draden

los

zondag 21 februari 2010

Lente in de mist

Adem in, deze nieuwe hoop
Frisblauwe luchtstroom
Als Lelietjes-van-Dalen
wiens kopjes
boven sneeuw uitspruiten

donderdag 18 februari 2010

There you have it.

Als ijzeren deken omvalt mij het besef
Dat niet alleen jij, maar ook ikzelf
Deel was van een utopie
Die ikzelf geschapen heb
Ik ben bang alleen te zijn
Vooral bang om dat te blijven
Dus creeërde ik een man
En bedacht dat hij perfect was

Puur van binnen,
waar ik het voelde
Precies zoals mijn man moest zijn
Maar ik vergat daarbij dat jij
Je eigen man hebt gecreëerd
Die gehecht zit in je ziel
En niet voor niets daar is ontstaan
Ik ben van één van hen gaan houden
maar niet degene die jij wilt

En eindelijk beseffen we beiden
dat waarheid boven alles gaat

Dus kruip ik onder mijn ijzeren deken
En huil omdat ik van je hou
Van jou.

woensdag 17 februari 2010

Loslaten

Hoofd en hart gescheiden door opgetrokken knieën
Knieën gehavend van smeken en kruipen
Het lichaam dat verdwaasd neutrale troost biedt in de strijd
Laat tranen rustig biggelen over haar vermoeide huid
Tranen om wederom vergeefse woorden

Loodzwaar tilt het hoofd zich eens voorzichtig van de knieën
En aanschouwt de droom die als mist reeds lang vervlogen is

Is dit het laatste traanvocht dat op de knieën ligt?
Berust het hart zich in het lot dat het hoofd haar opgedragen heeft?
Of wacht haar nu haar schuldig loon
Voor het verblinden van haar liefde

Versaagd zakt weer het hoofd nu neer
Een laatste traan daalt af
En vormt een vleugje mist dat langzaam voor de ogen glijdt
Mist die gretig opgeslokt wordt door een eeuwig verdrinkend hart

zaterdag 6 februari 2010

Spoel het van je af

Zachte transparante pegels storten op mijn huid
Sijpelen langs rondingen die ik liever niet zou zien
Verdampen of verdwijnen met de tijd
in het afvoerputje
Wimpers plakken aan elkaar
Het laatste stukje masker klampt zich vast
maar verliest modderig de strijd
De ogen zien het niet
Zij zien niets.
Verzonken in gedachtes die weigeren te stromen
Klinisch wit en gele lampen
vormen hun eindige horizon

Hier is de plek waar ik rondwaar
Ademde je deze lucht, begreep je het
Werden we ondergedompeld in één geest
Hadden we geen woorden nodig
omdat al mijn geheimen langs je druppelden
en mijn waarheid je omarmt als regen
Hier is mijn plek die je alles kan vertellen

Maar voor jou is het gewoon een douche.

maandag 18 januari 2010

Wat ik achter mijn rug om doe

Opeens gaf je het me:
Besef.
Besef beeft.
Leeft in mijn maag
in mijn hart en in mijn tranen.
Het omkeren kan niet.
feseB. Omkeren kan het wel.
Zie mijn maag. Mijn ideeën.
Besef stampt Gelijk de grond in.
Baf. Baf.

Sorry voor mijn onbesef.

Was het maar zo..

Waren wij een dansje
Waar alles soepel voorbij gleed

Vloeiend in elkaars armen
Eén hartslag slechts als ritme

Dat wij konden melodiëren
Op een manier die alleen wij weten
En componeerden wij gaanderweg
Onze gracieuze ode aan elkaar

Dansen wij op roze wolken
Waar leugens overbodig zijn
Waar onze ogen elkaar kunnen ontmoeten
Zonder pijn daarin te zien,
en niet als schepen in de nacht

O, waren wij een dansje
Een eenheid, een kleine symphonie

Ik zou mijn mooiste schoenen dragen
En gelukkig zijn

vrijdag 8 januari 2010

Dans met mij

En dan
Dansen wij.
Rust jouw hand.
Op mijn rug.
Zacht.

Valt het op.
Dat mijn hand.
Stiekem trilt.
naast jouw hals?

En dan
Smelten wij.
In elkaar.
Kus je mij.
Nog een keer.

Hou mij vast.
Dans met mij.
Laat nooit los.
Eén.

dinsdag 5 januari 2010

Een compromis is niet genoeg

In een schreeuw om wederkerigheid
Klampt mijn hart zich om jouw benen
likt mijn liefde zacht je wang
Terwijl de drempel van jouw voordeur
onbedaarlijk aan haar zuigt

Huilend om verlichting
Hoopt mijn maag op ware leugens
Door een breuk in zielsbedrog
Terwijl mijn hart je benen loslaat
omdat het weet dat het niet komt

Alle armen van mijn wanhoop
Graaien naar houvast in laffe ontkenning
Maar grijpen onophoudelijk mis
En de drempel zuigt en mijn hart verkrampt
In een tweestrijd tussen liefde
Omdat je been daar maar blijft staan.