zaterdag 5 juni 2010

Kapot

In de nacht klinkt de muziek.
Behendig manouvreer je tussen drank en mannenlijven
Een hap, een slok, een lach;
het hulsel dat om je heen gepantserd zit
Nog over je strakke zwarte jurkje

Pas later,
wanneer je favoriete ondergoed
over de enkels boven je stukgedanste hakken zakt,
komt de leegte.
Als geïmplodeerde pijn.

Zwaar, alles is zwaar.
Je zou wel willen huilen
maar tranen doen je verdriet tekort

Trage benen slepen naar bed
Je hart erachteraan
Blijft aan het voeteneind liggen,
snakkend naar adem
Om alles wat het mist
Je ogen branden maar je gunt het ze niet:
tranen zijn voor mensen met hoop

Geen opmerkingen:

Een reactie posten