Er zweeft een kalmte om mij heen
die stilstaat en kriskrast tegelijk
en me ietwat misselijk maakt
Of misschien is dat de brie.
Schreeuwende stemmen ballen hun vuisten
Huilen woedende verwensingen
Schieten dwars door elkaar heen
Maar niet van buiten
Waar de wazige kalmte de herrie dempt
Om de loze energie te sparen
Ach wat.
Wat maakt het ook uit.
Er is een stukje van mij weg
dat liefde en vertrouwen maakte
Onrust overheerst er nu
Maar niet van buiten
Waar de liefde uitzinnige kalmte schept
En zich onberoerd laat
Maar breek het niet.
Breek het niet, want hel breekt los
Geen kalmte die dat dempt en geen plek om je te bergen.
Maar ik ben niet boos van buiten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten