Levenslust
Toen de blauwe wind een takje van de kersenboom opzij blies zaten daar twee vogeltjes, verstopt tussen de bloesem Het kopje van de één liefkoosde de veren van de ander. "Wat een dag hè?" tjilpte deze. "Wat een heerlijk gewone dag." En de wind blies het takje weer terug.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten